Heijendaalseweg 300, 6525 SM Nijmegen
024 - 355 80 29
sss.nijmegen@kloosterbrakkenstein.nl

Zondag 4 januari, Openbaring van de Heer

Door Pater Aloys

Wie heeft Peter Pannekoek gehoord op oudjaarsavond? Dit jaar heb ik hem helemaal aangehoord. Niet alles was mijn smaak, maar probeer maar eens anderhalf uur zodanig te spreken dat alle gedachten bij de toehoorder aansluiten. Maar opvallend was, vond ik, de termen die hij gebruikte. Allereerst de Hoop!! Ik dacht: heeft hij het thema van de kerk gehoord, Pelgrims van Hoop? En daarnaast sprak hij opvallend over het offer. Zijn vraag was: “Durven wij nog een offer te brengen?” Wat nou geofferd moest worden, dat werd mij niet helemaal duidelijk. Van de ene kant misschien wel makkelijk, want dan kan je dat zelf uitzoeken en dan komt de vraag: wat moeten wij offeren?

Het begrip ‘offer’ kennen wij in de kerk goed. Immers: wij kennen de offerkist, de offerande, Jezus die zijn leven heeft geofferd voor onze zonden. Met een offer in de koffer naar het paradijs: als een katholiek een intentie vraagt voor de Heilige Mis, dan geven zij daar geld voor, ook een offer. Toch kan iemand een offer brengen ten goede of ten kwade. In het verhaal van de openbaring des Heren zien wij hoe op twee wijzen wordt geofferd. Wij horen het verhaal van drie wijzen die offeren bij het kind, goud, wierook en mirre. Na een zoektocht hebben zij de Heer van alle leven gevonden. Zij offeren hun tijd op en bieden geschenken aan en in de symbolen mogen wij zien dat zij leven aanbieden. Maar gelijktijdig horen we in datzelfde verhaal over Herodes, vanwege wie de drie wijzen een andere weg kiezen, dat hij kinderen wil opofferen om zijn eigen macht veilig te stellen. Vele kinderen zijn daarvoor opgeofferd. Iets wat wij nu nog zien, hoe soms mensen worden opgeofferd voor het grote geld, de macht en aanzien. Niet alleen in de grote wereld van de leiders der aarde maar ook in de kleine wereld van iedere dag. En door alle eeuwen heeft God gekozen voor de mens. Niet rijk of arm, ziek of gezond. Welke afkomst ook!! In Jezus heeft God laten zien dat Hij voor ieder mens er is. 

Zoals Paulus vandaag zegt: “Heidenen zijn mede-erfgenamen, medeleden en mede-deelgenoten van de belofte.” Daarmee wil hij zeggen dat ieder mens telt. Jesaja zegt ook in de tijden van tegenspoed: “Alle volken komen op je af.” De verhalen van Jezus zijn er veel waarbij de hoofdman die opkomt voor zijn dochter, de barmhartige Samaritaan, de vrouw die aan bloedvloeien leed 

en de moordenaar aan het kruis als voorbeeld worden gesteld. Het zijn allemaal voorbeelden waarin mensen van binnenuit hun leven geven. Hun levensoffer, het opkomen voor de ander. Je wereld verder zien dan je zelf. 

Als Peter Pannekoek de vraag stelt: “Kunnen wij nog een offer brengen?” is dat misschien een goede vraag voor ieder van ons. Niet omdat je twijfelt aan jezelf, maar omdat het een goede vraag is voor een zelfreflectie? Gewoon eens bedenken: als er nou eens gebeurt dat verboden wordt om nog een kruisteken te slaan in openbaar, wat zou je doen? Of als een vluchteling bij mij aanklopt? Ik hoorde een verhaal over een kerststal in Amerika, in een dorp waar men de vluchtelingen uit de stad of streek had weggestuurd. Dat men in de plaatselijke kerk een kerststal had gezet en op de plaats van Maria en Jozef en kind stond een bord: ‘Ook deze vluchtelingen zijn meegenomen’. Ik vond het een sterk staaltje. Sommigen waren boos. Immers, je mocht de kerststal niet voor politiek gebruiken. Wat dacht je van het offer voor of tegen het leven? Soms moet je een offer opdragen, of niet soms???

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *