Bijdrage Carlien Geelkerken – radioprogramma Zin in zondag – 17 mei 2026
Er zijn dagen die officieel ergens tussenin vallen. Niet echt een begin, niet echt een einde, geen hoogtepunt en geen afsluiting. Gewoon zo’n dag waarop de kalender lijkt te zeggen: we zijn onderweg, maar we zijn er nog niet.
Vandaag is zo’n dag. Deze zondag valt tussen Hemelvaart en Pinksteren. Voor de een zijn dat vrije dagen, voor de ander kerkelijke feesten. De kerk viert met Hemelvaart dat Jezus naar de hemel is gegaan. En met Pinksteren dat de Heilige Geest, de helper van de mensen op aarde, is gezonden. En vandaag zit het tussen die twee feesten in. In de verhalen in de Bijbel lees je over deze dagen dat de mensen zich wat verloren voelden.
En ik denk dat we dat gevoel allemaal wel kennen. Je verstuurt een sollicitatiebrief en wacht of je wordt uitgenodigd voor een gesprek. Je hebt een onderzoek gehad en wacht op de uitslag. Je bent je eindexamen aan het maken en moet daarna wachten op het verlossende telefoontje. Er is al iets begonnen, maar het is er nog niet helemaal.
In mijn werk ken ik de tussentijd uit de voorbereiding van onze jaarlijkse studiereis naar Rome. Voor zo’n reis moet je allerlei afspraken maken, in en rond het Vaticaan. Dat klinkt overzichtelijk. Ik stuur een mail, ik krijg een antwoord. En ik zet iets wel of niet in het programma. Maar zo werkt het dus niet, althans niet zoals het in mijn Nederlandse hoofd werkt. In mijn Nederlandse hoofd is een mail een soort begin. Ik stuur iets op maandag om op woensdag iets terug te hebben, uiterlijk donderdag. En als het echt ingewikkeld is: volgende week.
In Rome, of misschien moet ik zeggen in het Vaticaan, lijkt men de tussentijd tot kunst te hebben verheven. Er kunnen rustig maanden over een antwoord heen gaan. En ondertussen zit ik mijn mailbox te verversen. Want als die afspraak doorgaat, moet die andere afspraak naar woensdag. Maar als die niet doorgaat, moet woensdag juist openblijven. En als ik niets hoor, kan ik ook niets vastleggen. De eerste keren kreeg ik er bijna grijze haren van. Tegenwoordig gaat het beter. Nou ja, iets beter.
Ik heb geleerd om te denken: het komt waarschijnlijk goed. En als het niet goed komt, zijn we nog altijd in Rome. Ik heb daar zelden een gebrek aan dingen om te zien, te doen, te eten of te bewonderen. Rome leert mij zo omgaan met tussentijd.
Nu alleen nog leren dat ook toe te passen op andere gebieden van mijn leven. Er blijft altijd iets te wensen over. Want buiten Rome ben ik er lang niet altijd zo ontspannen onder. Dan wil ik duidelijkheid, een antwoord, een besluit, een route. Ik wil weten of iets doorgaat of niet. Of iets lukt of mislukt. Of ik moet blijven of bewegen.
Veel van wat belangrijk is, komt niet op commando. Vertrouwen op de goede afloop niet. Troost niet, nieuwe moed niet. Zin niet en inspiratie ook al niet. Misschien is dat de verborgen wijsheid van deze zondag. Het is geen groot feest, geen vuurwerk, geen fanfare, geen duidelijke boodschap in hoofdletters. Er is alleen maar een tussenruimte. Een dag waarop je niet meteen hoeft te weten waar het heen gaat. Waarop je niet direct een mening hoeft te hebben, een oplossing of een plan. Een dag waarop je mag erkennen: ik ben onderweg, maar ik ben er nog niet.
Dat is geen mislukking. Dat heet leven.
Volgende week is het Pinksteren. In de christelijke traditie gaat het over geestkracht. Over mensen die weer in beweging komen. Over taal vinden voor wat hen bezielt. Maar vandaag is het nog niet zover.
Vandaag is het de zondag van nog niet.